LJS Nieuwsmonitor



Wetenschappelijke media-analyse
Dagbladen

Keulen in de media

Tijdens de nieuwsjaarsnacht werden er in Keulen massaal vrouwen, betast, aangerand of zelfs verkracht door een groep mannen. De berichtgeving in de Nederlandse media hierover begon na een persconferentie van de Keulse politie, maar al snel werd er kritiek geuit op de berichtgeving. Zo zouden de media in eerste instantie de gebeurtenissen hebben verzwegen. Tevens zouden zij politiek correct willen blijven en niet over de afkomst van de daders hebben willen schrijven. Tenslotte zouden zij te weinig oog hebben gehad voor de slachtoffers en ging het alleen maar over de (mogelijke) daders. In opdracht van NRC Handelsblad hebben we onderzocht in hoeverre deze kritiekpunten juist zijn gebleken. Lees hier hele rapport.

Dagbladen

Wie checkt de fact-checker?

In opdracht van het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek hebben wij onderzoek gedaan naar de invloed van het ANP op de Nederlandse (online en gedrukte) kranten in 2014. Dit onderzoek was deel van een reeks van onderzoeken over de stand van de journalistiek in Nederland waarbij als startpunt het jaar 2014 is genomen.

Onze conclusie was dat er een duidelijke invloed is van het ANP op de journalistiek in 2014. Dit is vooral zichtbaar in het nieuws op de online sites van de kranten. ‘De invloed in de papieren versies van de dagbladen is duidelijk minder groot, maar ook daar wel aanwezig. Met afnemende abonnementen op de papieren kranten en een groter publiek dat zich baseert op de websites voor hun nieuwsvoorziening is dit een trend die tot nadenken stemt. De concurrentie om de nieuwsconsument lijkt niet te zorgen voor meer diversiteit van het nieuws, maar een centralisatie van de nieuwsvoorziening met een belangrijke positie voor het ANP’, aldus de conclusie van ons rapport.

Wat schrijft de Volkskrant daarover?

“Wetenschappelijk gezien kan de check niet door de beugel, naar journalistieke maatstaven kan hij dat wel.”
– Volkskrant ombudsvrouw

In een artikel onder de kop “klopt dit wel” checkt Volkskrant-redacteur Maarten Keulemans onze beweringen, waarbij hij vooral naar de papieren krant kijkt. Na ons materiaal te hebben bestudeerd en op eigen initiatief van een willekeurige dag te hebben geturfd hoe vaak hij “ANP invloed” ziet, komt hij tot de conclusie dat ons onderzoek “Twijfelachtig” (papieren krant) en zelfs “Zwaar overdreven” (online krant) is.

Omdat wij het met een aantal aspecten van zijn oordeel niet eens waren, en hem hiervan in een persoonlijke mailwisseling niet hebben kunnen overtuigen, hebben wij vervolgens een ingezonden brief aan de Volkskrant gestuurd, waarvan dit stuk een uitgebreide versie is. Dit werd echter met een standaardmail geweigerd. Toen wij onze verbazing hierover bij de hoofdredacteur neerlegden, heeft hij de zaak doorgestuurd aan de ombudsvrouw van de Volkskrant, die hier vandaag een artikel aan heeft gewijd (waarin ze overigens wel uitgebreid uit ons geweigerde opiniestuk citeert). Haar conclusie was dat, alhoewel het eigen onderzoek van Keulemans “wetenschappelijk niet door de beugel kan”, zijn conclusie toch verantwoord was omdat het hier immers ging om journalistiek onderzoek. Zij gaat niet in op de redactionele beslissing om onze reactie op de ‘check’ niet te publiceren.

Vooraf: Wat hebben we nu precies gedaan?

De invloed van het ANP kan op twee manieren bekeken worden: je kan kijken naar expliciete bronvermelding of je kan kijken naar een overeenkomst van feiten en tekst uit een eerder ANP artikel. Dat laatste is minder zeker, omdat een overeenkomst in feiten of tekst op meer manieren tot stand kan komen. Omdat we uit een groot aantal wetenschappelijke onderzoeken weten dat journalisten vaak een ANP artikel als redactioneel bestempelen na een (soms zeer bescheiden) wijziging of aanvulling, hebben wij in ons oorspronkelijke onderzoek gekozen om te kijken naar overeenkomst van feiten of woorden. Dit staat ook uitgelegd in het wetenschappelijke artikel over de invloed van het ANP waarvoor deze methode is ontwikkeld. Een uitgebreide validatie van de methode is hieraan voorafgegaan, waaruit we met redelijke zekerheid kunnen stellen dat de artikelen die boven de drempelwaarde zitten over hetzelfde specifieke event gaan. Vervolgens concluderen wij dat als de Volkskrant een dag na het ANP over dezelfde gebeurtenis een stuk schrijft, het waarschijnlijk is dat de journalist het ANP artikel ook heeft gelezen (ze hebben immers een abonnement), en hierdoor dus beïnvloed kan zijn. Voor in ieder geval de online krant van Trouw hebben wij kunnen bevestigen dat deze methode een betrouwbare indicatie van ANP invloed geeft, door onze resultaten te vergelijken met de (hier wel consistent aanwezige) bronvermelding. (Zie ook ons wetenschappellijk paper hierover)

Heeft de Volkskrant een punt?

Op sommige aspecten: absoluut. Het meten van invloed is lastig, en elke methode zal ofwel onterecht invloed vinden of juist echte beïnvloeding missen. Vooral onze aanname dat bij een later stuk over hetzelfde event er waarschijnlijk sprake is van invloed, is aanvechtbaar. Dit staat ook in de methodologische verantwoording die we direct hebben opgestuurd. We hebben ook met Keulemans besproken dat het ons heel interessant lijkt om in samenwerking met de Volkskrant beter te onderzoeken wanneer er nu echt sprake is van invloed, en hoe dat beter te meten is.

Waarom dan onze bezwaren?

Wij zijn van mening dat een fact-check feiten moet checken. In plaats van ons onderzoek te controleren door kritisch onze methode te volgen en bespreken, zet Keulemans hier een eigen en totaal oncontroleerbaar onderzoek naast. In tegenstelling tot ons heeft hij zijn bronmateriaal, de ‘redactiebestanden en het archief’ waarnaast hij ons materiaal wilde leggen, nooit met ons willen delen. Op verzoek stuurden wij Keulemans 100 artikelen waarin wij ANP invloed hebben gedetecteerd. Wij kregen als reactie een excelsheet met een overzicht van 32 artikelen waar Keulemans naar gekeken heeft. De overige 68 kortjes met veelal letterlijke ANP kopie waren volgens Keulemans niet relevant. Van 13 van de 32 artikelen (40%) was invloed `onmogelijk`, wat in het artikel handig omhoog werd afgerond naar ‘de helft’. In deze 13 artikelen bleek ook dat er een groot aantal keer ‘meerdere bronnen’ stond te lezen als reden voor onmogelijke invloed. Daar kon ANP invloed dus wel degelijk aanwezig zijn geweest maar aangevuld met extra materiaal, een situatie die we veel vaker zien. Kortom, Keulemans heeft met een strengere definitie van invloed voor slechts 13 van de 100 (13%) artikelen besloten dat er geen sprake is van ANP invloed. Dat we hier kunnen wegen op de lengte van artikelen is een interessante kanttekening, maar deze cijfers zouden toch voorop moeten staan in een fact-check van onze meting.

Saillant detail: in 19 van de 32 artikelen waar volgens Keulemans mogelijk wel sprake van ANP invloed was werd ANP niet als bron genoemd. Dat het ANP niet altijd genoemd wordt, blijkt ook uit Keulemans’ eigen ‘onderzoek’ van het nieuws van de Volkskrant op een willekeurig dag, waarin hij concludeert dat van de zes artikelen die beïnvloed waren door ANP twee niet het persbureau als bron hadden vermeld. Dit laat andermaal zien dat Keulemans niet alleen kijkt naar bronvermelding, maar ook kennelijk een eigen overweging maakt per artikel. Hoe die overweging tot stand komt wordt jammer genoeg niet duidelijk. Ook de betrouwbaarheid van zijn telling is dubieus, want als we met behulp van LexisNexis alleen al de expliciete bronvermelding van ANP in de krantenartikelen van de eerste helft van 2014 tellen dan zitten we al aan 10%, en daar komen de artikelen zonder bronvermelding dus nog bij.

De ombudsvrouw is hier van mening dat het onderzoek van Keulemans niet hoeft te voldoen aan wetenschappelijke normen als een transparante methode en systematische steekproeftrekking, omdat het hier een “journalistiek onderzoek” betreft, en er geen pretentie is dat het wetenschappelijk is. Volgens haar zal het “de lezer helder zijn” dat Keulemans zijn eigen onderzoek “niet gelijkstelt aan de wetenschappelijke studie,” alhoewel in het stuk van Keulemans geen enkele kritische reflectie staat over zijn eigen werkwijze of beperkingen, terwijl hij in niet mis te verstane woorden een oordeel velt over onze gehele studie. Het is ons een raadsel hoe een lezer dan iets anders kan denken dan dat het onderzoek van Keulemans naast, of eigenlijk zelfs boven ons wetenschappelijk onderzoek wordt gesteld.

” De Volkskrant ervoer het delen van nieuws [in 2014] als kwaliteits- en identiteitsverlies en wilde het roer omgooien. Vorig jaar werd de nieuwe site gepresenteerd, die nauw aansluit bij de fysieke krant.”
– Volkskrant ombudsvrouw

Grappig genoeg ziet de ombudsvrouw in de eerder besproken vondst twee artikelen een bewijs voor de objectiviteit van de fact-check omdat hiermee een “ernstig verzuim” van de Volkskrant aan het licht is gekomen. Echter, in het stuk van Keulemans wordt geen enkele (kritische) evaluatie aan dit “bronverzuim” verbonden, maar vooral is het volstrekt irrelevant in de ‘check’ van ons onderzoek, omdat wij helemaal niet naar de correctheid van de bronvermelding hebben gekeken.

Overigens neemt zowel Keulemans als de ombudsvrouw het ons kwalijk dat we de situatie van 2014 niet vergelijken met die in 2015, maar dat valt geheel buiten het bestek van ons onderzoek, en we doen geen enkele uitspraak over 2015 (dus daar valt niets te fact-checken). Als het trouwens zo is dat de Volkskrant juist om de redenen die wij benoemen meer afstand heeft genomen van het ANP en de gezamenlijke webredactie, dan geven ze ons hiermee eerder gelijk dan ongelijk: een koersverandering geeft immers aan dat het schip eerder niet op koers lag. Een conclusie als “goed punt, maar we hebben ons leven gebeterd” lijkt ons dan meer op zijn plaats zijn dan “zwaar overdreven”.

Dan ten slotte het “WC-eend argument”. De media hebben een controlerende functie, maar dat roept altijd de vraag op wie de media dan moet controleren. Nu wordt een bewering over de Volkskrant gecontroleerd door een Volkskrant redacteur, waarbij hij er (zonder methodologische verantwoording) op uitkomt dat het best meevalt met de Volkskrant, wat vervolgens in de Volkskrant wordt gepubliceerd. Als wij hierop willen reageren met een ingezonden brief, wordt deze zonder opgaaf van redenen geweigerd. In plaats daarvan bekijkt de Volkskrant-ombudsvrouw de zaak nog eens, waarbij ze concludeert dat de Volkskrant toch eigenlijk heel objectief is, omdat ook een (voor ons onderzoek irrelevant) kritiekpunt wordt besproken. Dat wordt wederom in de Volkskrant gepubliceerd. Voor ons komt hier toch een heel helder beeld uit naar voren: “wij van de Volkskrant raden de Volkskrant aan”, en kritische geluiden zijn niet welkom. Dan rest bij ons de vraag wie nu eigenlijk de fact-checkers moet controleren.

Meer lezen?

Over invloed ANP en andere persbureaus:

Over werkwijze op online redacties:

Dagbladen

ANP bepaalt in grote mate de nieuwsagenda

Wat het publiek te lezen krijgt in de media wordt voor een groot deel bepaald door het ANP. Een kwart van het nieuws zoals gepubliceerd in de papieren versies van de landelijke dagbladen in 2014 is gebaseerd op nieuws dat eerder is gepubliceerd door het persbureau. Wat betreft de websites van de dagbladen ligt dit gemiddelde nog veel hoger. In andere woorden: het ANP bepaalt in grote mate de nieuwsagenda in Nederland. Lees hier het hele artikel: anp

Aanvulling (8 februari 2016): Er is enige ophef ontstaan over dit onderzoek. Zie onze reactie op de Fact-check van de Volkskrant en ons wetenschappelijke paper over de gehanteerde methode.

Dagbladen

2014 in Nieuwsgolven

Wanneer een bepaalde gebeurtenis door één medium gebracht wordt als nieuws, zullen andere media dit overnemen; van kranten tot actualiteitenprogramma’s, zo betogen critici van de jounalistiek. Zo bleek het feit dat Duitse media aandacht besteedden aan de scheiding van Rafaël en Sylvie begin 2013 voor de NOS aanleiding om er ook over te berichten in het 8 uur Journaal. Ditzelfde gold voor de berichtgeving rondom Project X in Haren. Alle media spraken over het onderwerp, dus was het nieuws, dus moesten alle media erover berichten. In een dergelijke situatie spreekt men veelal van mediahypes, al is het onderscheid tussen een mediahype en een grote gebeurtenis lastig te maken. Zo is het logisch dat ieder medium bericht over de MH17, maar wordt kritisch gekeken wanneer er en masse  bericht wordt over de mogelijke verdwijning van Waylon. Lees hier het hele rapport: nieuwsjaar2014.

Media, Nieuws

Tien jaar De Wereld Draait Door

Op 10 oktober 2015 is het 10 jaar geleden dat de eerste uitzending van De Wereld Draait Door (DWDD) te zien was, toen nog op Nederland 3. In opdracht van Het Parool en NRC Handelsblad heeft LJS Nieuwsmonitor onderzocht wie er aan het woord kwamen in de uitzendingen, al dan niet als tafelheer of tafeldame, en over wie of wat zij spraken. Lees hier het hele rapport. Zie ook NRC Handelsblad

Media, Nieuws

Variatie of Variété? De Talkshows in Nederland

Uit eerder onderzoek bleek dat de talkshows vooral een mannenbolwerk zijn. De doelstelling van de NPO om meer vrouwen aan tafel te krijgen bij de diverse talkshows is (nog) niet gehaald. Bovendien blijkt dat RTL Late Night het beter doet dan de talkshows van de publieke omroep. Naast meer vrouwen aan tafel streeft de NPO in haar mediabeleid naar “een onafhankelijk, gevarieerd en kwalitatief hoogwaardig media-aanbod.”  Hoewel dit streven van de NPO geldt voor het hele media-aanbod en niet alleen voor talkshows, vormen deze programma’s wel een goede indicatie waar het gaat om onderwerpkeuze en variatie aan tafel. In dit onderzoek kijken we daarom naar de verschillende onderwerpen die aan tafel worden besproken en welke tafelgasten hiervoor worden uitgenodigd. Met andere woorden, in hoeverre is er sprake van variatie of gaat het vooral om variété bij de talkshows? Lees hier het hele rapport of zie NRC Handelsblad.

Media, Nieuws

Talkshows nog steeds mannenbolwerk

Wie domineren de discussies aan de tafels bij de talkshows het afgelopen seizoen? Dat was de vraag die NRC Handelsblad stelde aan LJS Nieuwsmonitor. Een veel gehoorde klacht is dat de tafels vooral worden gedomineerd door mannen. In dit verslag een overzicht van de mannen en vrouwen te gast bij De Wereld Draait Door, Jinek, Pauw en RTL Late Night. Download hier het rapport. Zie ook het artikel in NRC Next en NRC Handelsblad.

Nieuws

Seksmoord op Horrorvakantie

Alle dagbladen hebben inmiddels een digitale nieuwssite naast de papieren versie. Deze sites hebben een groot voordeel ten opzichte van de papieren versies: het klikgedrag van de bezoeker is precies te volgen. Dit is onder andere terug te vinden in de top 5 van meest gelezen artikelen op de sites. Met deze kennis kunnen kranten en hun websites de nieuwsselectie en insteek vormen naar wat mensen willen lezen. In dit rapport onderzoeken we wat de invloed van deze kennis is op de nieuwsselectie van de journalisten. En wil het publiek inderdaad vooral ‘seksmoord op horrorvakantie’, zoals een van de geïnterviewde journalisten stelt?

Lees hier het hele rapport: Seksmoord op Horrorvakantie

Media, Nieuws

Jeugdcriminaliteit in de Nederlandse media

De geregistreerde jeugdcriminaliteit neemt sinds 2008 af, maar alleen de berichtgeving in de Nederlandse kwaliteitsmedia laat ook een dalende trend zien. In populaire en gratis media blijft de aandacht gelijk, of stijgt deze zelfs. Tevens blijkt dat er in alle media sprake is van een sterke focus op incidenten, terwijl analyse en achtergrond achterwege blijft. Daar komt bij dat jeugdcriminaliteit in sterke mate wordt weergegeven als straatterrorisme door (Marokkaans) straattuig, waarmee wordt bijgedragen aan een stereotype beeld van de jonge crimineel, namelijk een Marokkaanse Nederlander.

Lees hier het rapport.
Lees hier de samenvatting van het rapport.

Dagbladen

Minder nieuws voor hetzelfde geld?

Onlangs is ook De Telegraaf overgegaan naar een tabloid formaat voor de krant. De vraag is wat dit betekent voor de hoeveelheid berichtgeving in de krant. Zullen we minder nieuws krijgen voor hetzelfde onderzoek? Eerder onderzoek laat zien dat de nadruk steeds meer komt te liggen op eigen nieuwsgaring en achtergrondverhalen. Zo is er een toename van het nieuws en met name de toename van het aantal langere artikelen in de dagbladen. Aan de andere kant
vormen de afname van het aantal woorden per zin en de afname van het aantal tekens per woord een indicatie voor eenvoudiger taalgebruik in de dagbladen. Lees hier het hele onderzoek.